Gister, maandag 20 juni ben ik reeds op mijn plaats van bestemming St. Jean Pied de Port aangekomen. Bijna twee jaar geleden vertrok ik hier voor de voettocht naar Santiago. Het is een en al herkenning. Ik zit wederom in de gite l’Esprit du Chemin van Huberta en Arno. Nog steeds dezelfde aangename persoonlijke sfeer. Vandaag heb ik een meewarig gevoel. Alles gaat vanaf hier weer anders: ik heb afscheid genomen van diverse mensen met wie ik de afgelopen weken veel opgetrokken ben. De Canadees Claude is door naar Santiago; de fransman George vertrekt weer naar huis, alsook wat andere fransjes die ik dagelijks tegen kwam. We hebben een week of 2 veel met elkaar opgetrokken en vaak samen gegeten in gites waar je zelf moest koken. Veel gelachen en uitgewisseld. Onderweg ontstaan vanzelf meer en minder intensieve banden. Het zijn weer een paar contacten die me zeker een tijdje zullen bijblijven. Erg leuk ook dat ik Karin gisteravond weer tegen kwam in l’Esprit du Chemin. We hebben een stapelbed gedeeld en bijgepraat, maar ook zij is inmiddels door naar nederland. Al met al heb ik nu het gevoel dat ik er ‘weer alleen’ voorsta. Dat is natuurlijk zeer betrekkelijk, want dat was immers de hele tijd al zo.
Ik ben eerder aangekomen dan ik had ingepland. Behalve een ziektedagje, waar ik eerder melding van maakte, heb ik elke dag lekker gelopen en geen behoefte gehad aan het opnemen van een ‘reservedag’. Mijn conditie is prima. Geen last van mijn rugzak en op een enkele blaar na houden mijn voeten het ook goed. Na 750 km nog niet moe en best in staat om er nog wat kilometers achteraan te plakken. Ik heb tenslot nog een week voor mijn vlucht terug vanuit Biarritz. Ik heb bedacht om vanaf hier de GR 10 te gaan lopen. Die gaat dwars door de Pyreneeen richting Atlantische kust. Dat is 5 dagen lopen met dagelijkse colletjes van meer dan 1000 m. Pittig dus. Maar die route moet fantastisch zijn. Ik vind dat een mooie uitdaging en ik ben benieuwd of deze route kan tippen aan mijn ervaringen met de high mountains in Tibet. De route is wel wat eenzamer dan wat ik gedaan heb. Ik verwacht er bijna niemand tegen te komen. Al met al vond ik het op de Via Podiensis toch tamelijk druk. Het stuk van le Puy naar Conques wordt echt veel belopen; het stuk daarna tot Moissac ook redelijk intensief. Maar daarna was het nogal stilletjes. Dat stuk is inderdaad wat minder interessant. Dat betekent vooral dat je er minder vakantiewandelaars tegenkomt die slechts een weekje of zo lopen. Het is er redelijk vlak waardoor ik een aantal dagen meer dan 30km per dag kon lopen. Als het veel stijgen en dalen is dan presteer ik dat niet. De laatste paar dagen in Baskenland waren weer prachtig met permanent uitzicht op de Pyreneeen. De Pic d’Any herken ik nu uit alle pieken! Vanochtend heb ik mijn plan voor de komende dagen voorbereid: een detailkaart van de Pyreneeen gekocht en er met een viltstift wat routes in gezet. Afhankelijk van het weer kan ik dan onderweg gemakkelijk beslissen of ik een bepaalde col wel of niet zal nemen. Er is nl. veel regen voorspeld. Het kan dus erg modderig of glibberig zijn. Ik heb reeds wat dagen met regen meegemaakt en weet wat het is om met grote klodders bruine modder aan je schoenen te moeten ploeteren op een rotsig steil pad. Ik ben in ieder geval erg blij met mijn grote regencape en mijn gamaches. Die zijn geen overbodige luxe gebleken. Misschien begint t er op te lijken alsof het hier altijd regent. Dat is gelukkig niet zo. Er is ook genoeg zon. De eerste 2 weken waren zelfs uitzonderlijk warm. En stortbuien duren meestal niet langer dan een half uur. Miezeren kan het echter wel eens een hele dag door. Dat zijn overigens best lekkere dagen om te lopen, want met 30 graden op je hoofd lopen is slopend. Bovendien moet je dan veel meer water meesjouwen. Mijn komende route wordt vooral bepaald door de aanwezigheid van gites. Ik moet tenslot wel ergens kunnen slapen. Tot nu toe was dat geen probleem, hoewel sommige wandelaars zich daar wel erg druk over maken. De kwaliteit van de gites is op deze route wel erg verschillend gebleken. Soms heb je een fantastische plek voor heel weinig geld maar je kunt je ook vergissen. Duurder is lang niet altijd beter. de beste herinneringen bewaar ik ongetwijfeld aan de overnachtingen bij kloosters. In Conques bij de norbertijnen, het klooster in Vaylat, de nonnetjes Mere Marie van Moissac, de presbyterianen in Lectoure, het cisterscienzerklooster in Sauvelade. Mijn overnachtingen a la ferme, bij de boer, waren over het algemeen ook prima. Tussendoor veel in gemeentelijke herbergen geslapen. Die zijn beduidend minder van kwaliteit. Op sommige campings kun je een bed in een tent huren; dat is ook een prima alternatief.
Heerlijk dat ik nog een weekje heb voor een vervolgplan. Mijn volgende bericht zal ik pas in Rotterdam schrijven.