Cambodja zijn we al weer uit, maar het is zonde om over Cambodja niets te melden. Beter laat dan niet. Hoogtepunt was zonder meer ons 5-daags bezoek aan Angkor vanuit de dichtbijgelegen plaats Siem Reap. Angkor is de oude stad van de Khmers uit de 10de-12e eeuw. Het is een enorm uitgestrekt complex van tempels en paleizen midden in een jungle gebied. Pas vorige eeuw is deze stad herontdekt en grotendeels bevrijd van overwoekerende grote bomen. Veel landen dragen hun steentje bij om de enorme hoeveelheid bouwwerken te restaureren en her op te bouwen. Het geheel is zeer indrukwekkend. De Khmer koningen beschouwden zichzelf als god-koningen. Hun koppen zijn dan ook in honderdtallen terug te vinden in immens grote stenen torens boven op de paleizen. In die tijd was de Indiase invloed onmiskenbaar. Je ziet er afwisselend Boeddhistische en Hindoeistische afbeeldingen. Vishnu kom je overal tegen. Evenals ontelbare lingam’s (fallus-symbolen) maar er is b.v. ook een grote liggende Boeddha in steen die terug gevonden is verborgen in een muur van een tot hindu tempel verbouwd geheel. Ik ben vooral onder de indruk geraakt van de verfijnde kunstzinnige beeldreliefs op de muren. Ik had nog nooit van Apsara’s gehoord, maar die zijn nu een begrip geworden; mooie wulpse vrouwen. De manier waarop ze gekleed zijn geeft aan in welke periode ze precies gemaakt zijn. Aanleiding dus om flink te puzzelen. Maar er zijn ook hele veldslagen (tegen de Chams) uitgebeeld en mythische taferelen met goden en demonen. We hebben een aantal dagen met een fietsje rondgetourd en vast en zeker meer gezien dan de gemiddelde toerist. Ook een aantal verder weg gelegen bouwwerken hebben we met een tuctuc-dagje bezocht. In Siem Reap hadden we het beste hotel van onze hele reis. Een aangename rustieke plek, gerund door een Belg. Enige minpunt was de herry van de oprukkende bars in de omgeving. Gelukkig voor hem denkt hij daar wat aan te kunnen doen. Vanuit Siem Reap vervolgden we de reis door met een bootje over het beroemde Tonle Sap meer naar Battambang te varen. Op dat meer heeft zich ooit een zeeslag afgespeeld met de Chams, welk heel beeldend te zien was op een van de muren in Angkor Thom. Nu ziet het er allemaal vredig uit. Het meer deed me sterk denken aan het Inle meer in Birma. Begroeid met waterhyacinthen, bomen en struiken. Op een gegeven moment werd het struikgewas zo dicht dat de boomtakken de passagiers in de boot dreigden te verwonden. Prachtige route; hoewel het leven van de vele vissers in deze regio er bepaald armzalig uit ziet. Ze vissen met grote vierkante bamboeconstructies; en alle huisjes hebben grote stenen waterkruiken staan. Battambang was onze laatste plaats in Cambodja. Jammer dat Armand al een paar dagen lelijk hoest en zich niet best voelt. We zitten nu op het eiland Koh Chang in Thailand en het is de laatste dag. We hebben er een hele dag over gedaan om vanuit Battambang hier te komen. Heel merkwaardig, want op de kaart gezien is het een afstand van niks. Om de een of andere duistere reden gingen we echter naar de grensovergang Poipet, wat uren omrijden is. We horen verhalen over gevaarlijke grensovergangen, maar echt helder is het niet waarom we zonodig deze route moesten rijden. Grenspassages zijn een verhaal op zich: lange rijen en veel mannetjes die van alles controleren. Morgen kunnen we in een ruk van dit eiland naar het vliegveld in Bangkok. Dat ziet er allemaal handig uit.
En dan is het kerst! Jullie allemaal alvast heel fijne dagen gewenst; vanuit een warm Thailand. De kou in Nederland kan me nog even gestolen worden.
Zoeken
-
Laatste berichten
- Yorkshire Dales National Park augustus 28, 2025
- Dolomieten sneeuwwandelen maart 2, 2025
- Malaga oktober 8, 2024
- Van Guernica en Bilbao naar zonnig Madrid oktober 3, 2024
- Mooie kusten september 30, 2024
Archief
Categorieen
Blogroll
-