Het werk in Roncesvalles

De eerste werkdagen als hospitalero zitten er op. Met zijn vieren zijn we vanuit St. Jean Pied de Port hier naartoe gelopen. Pittige wandeling berg op maar het was prachtig loopweer: niet te warm, zonnetje en wat wolkjes. Na ons aankomst-biertje werden we bij de hand genomen door Gerard (van de Jacobsvereniging) door alle gebouwen. En nu staan we er dan als nieuwe ploeg helemaal alleen voor. We zijn met zijn 7. Dat lijkt misschien veel maar het is hier groot en het is hoogseizoen. Toen ik in 2009 hier sliep op mijn Camino was er alleen wat we nu de “oude herberg” noemen, een grote open zaal met 120 bedden. Maar het voormalige grote kloostergebouw is nu ook verbouwd tot herberg. Daar kunnen nog eens 180 wandelaars slapen, verdeeld over 3 etages. Dit gebouw is van buiten mooi oud maar van binnen heel modern en superpraktisch ingericht. De Spanjaarden hebben net vakantie gekregen, dus gister zaten we helemaal mudje vol. Veel spanjaarden starten hier in Roncesvalles met hun Camino. Naast deze 300 beschikbare bedden moesten we zelfs nog een ander zaaltje in gebruik nemen als “overloop”. In geval van nood zijn er zelfs nog 184 plekken in cabines op een grasveld. We zijn hier niet voor één gat te vangen. Ik heb de afgelopen 2 dagen in de oude herberg gewerkt, samen met Wim. Dat is zorgen voor de ontvangst van de mensen en hen een paar essentiele regels uitleggen. En natuurlijk heel veel vragen beantwoorden, waar wij overigens ook (nog) niet altijd het juiste antwoord op weten. Het publiek is heel internationaal; ik spreek van alles wat maar Spaans en Frans door elkaar spreken is erg verwarrend (voor mij); afwisselen met Engels is gemakkelijker. Mij is al gevraagd of ik Portugese ben…….tja dat Portugees krijg ik er toch niet helemaal meer uit. Geen nood, want iedereen verstaat me goed. En het resultaat is toch fantastisch: er heerste een serene rust op de zaal zodat de vermoeiden al vroeg lagen te slapen. ’s Avonds voor het sluiten van de deur om 10 uur draaien we een lekker rustgevend muziekje. Veel mensen reageren daar verrast en enthousiast op. Het is een mooie manier om goede nacht te wensen. Eigenlijk vind ik het verbazingwekkend hoe 120 mensen in één ruimte zo sociaal met elkaar om kunnen gaan. Over het algemeen valt op dat pelgrims geduldig, inschikkelijk en niet klagerig zijn. Als iedereen in zijn bed ligt gaan wij er nog even van tussen naar “onze huiskamer” voor een glas wijn en wat napraten. We hebben in de nieuwe herberg een comfortabel onderkomen en worden verwend met veel lekkernijen door het hoofd van het klooster. De taken verdelen we met elkaar, rekening houdend met ieders kwaliteiten. Er zijn steeds twee ploegjes nodig: een voor de oude en een voor de nieuwe herberg. In de dag zijn er ’s ochtends schoonmaaktaken te verdelen en ’s middags receptie, ontvangst, vraagbaak en wasserijtaken. xc9en iemand slaapt in de oude herberg en opent er om 6 uur de poorten. Tot op heden is het mijn ochtendtaak om te stofzuigen in de grote oude herberg en er de bedden te fatsoeneren. Eerlijk gezegd vonden mijn maatje Wim en ik de bedden er vies uitzien. In 2 dagen tijd zijn nu bijna alle lakens van alle bedden gewassen. Dat oogt en ruikt een stuk frisser! Vanmiddag heb ik achter de balie gezeten. Dat heet hier “de kist”. Dat is een goede omschrijving: het ziet er uit als een houten bak. Daar komt elke wandelaar zich inschrijven en een bednummer in ontvangst nemen. Als baliemedewerker moet ik dan ook credentials afstempelen en pelgrimsartikelen verkopen. Het is routineus werk, zeker als er net een grote groep wandelaars arriveert en de rij wachtenden lang is…. Tussendoor gebeurt er van alles. Gekke en onverwachte dingen. We zijn er druk mee. Ik ben hier nu al 3 dagen maar dit is pas het eerste moment om even rustig achter de computer te kunnen zitten.

Terzijde: het regent nu pijpestelen en ’s nachts heb je hier toch een deken nodig! Dat valt een beetje tegen.

 

 

Dit bericht werd geplaatst in Camino del Norte. Bookmark de permalink .