Ik kwam hier aan met 28 graden, wat behoorlijk warm is maar nog net lekker. Nu is het 38
graden…en dat is eigenlijk iets teveel van het goede. Ook voor de lokale mensen is dit uitzonderlijk warm. Afgelopen nacht geen oog dicht gedaan, want ik reis basic, zoals gewoonlijk en het hostel waar ik slaap heeft uiteraard geen airco maar ook geen ventilator. Zojuist heb ik de omgeving dus maar eens afgestruind naar een alternatief met ventilator. Gelukkig heb ik dat gevonden.
Ondertussen begin ik me al aardig thuis te voelen in Kaapstad. Het is een levendige, kleurrijke en swingende stad, waar veel te zien en te beleven is. Het straatleven is gezellig, hoewel de muziek wat mij betreft wel wat zou mogen dimmen. De highlights wil ik natuurlijk niet missen. Om te beginnen heb ik de Tafelberg
beklommen via de Platteklip gorge. Omdat ik halverwege de berg in een dikke mist terecht kwam was ik kletsnat eer ik boven was. Niks genieten van een prachtig uitzicht; ik kon geen 5 meter vooruit zien. Hier zeggen ze dat er
een tafelkleed over de berg ligt. Zo ziet het er inderdaad uit, vanaf een afstandje. Uiteraard ben ik ook op zoek gegaan naar de nederlandse
historie; de VOC, Kasteel de Goede Hoop en de vele nederlandse straatnamen, die naar ons koloniaal verleden verwijzen. In de loop der tijd is er een bijzonder mengseltje ontstaan van nederlands en engels in de straatnamen, wat soms echt op de lachspieren werkt. In het verkennen van de stad zag ik plots
Winnie Mandela uit een gebouw stappen, in het zwart en met een
heel gevolg. Dat voelde eventjes als een bijzonder moment; ze was overigens vertrokken voor ik het goed en wel doorhad. ’s Avonds bleken de straten rondom het parlement geheel in beslag genomen door uitgebreide militaire parades ter ere van de 20e opening van het parlementair jaar. Dat doen ze hier elk jaar. Dat is een potsierlijk gebeuren, waarbij Schotse doedelzakkers en vaandeldragers te paard bepaaldelijk geen modern Zuid Afrika uitstralen.