De trip door het centrale deel van het land zit erop.Van Ulaanbaator waren we westwaarts gereden. We hebben een Nissan Xtrailer met chauffeur en gids met onuitspreekbare namen: Dosyembyek en Tilyeu. Alles loopt anders dan verwacht. De chauffeur zit niet achter het stuur en is eigenlijk de gids! Het zijn 2 werkeloze ingenieurs, die zich nu op het pad van het toerisme begeven. Leuke ontwikkelde dertigers met veel humor. De trip die wij maken doen zij voor t eerst. Zij moeten onderweg nog van alles uitzoeken en besteden veel tijd aan het leggen van lokale contacten voor hun netwerk.
Ze zijn heel trots en uitermate eco bewust; dromen veel over de opbouw van een eigen bedrijf en terugkeer naar Kazachstan. Daar komen ze vandaan. Mongolie leidt mensen op maar heeft geen werk voor ze. Er zijn onlangs verkiezingen geweest en er zou nu wel een goede regering zijn. Mongolie is echt een nomadenland. Grote kuddes schapen, geiten, yaks en paarden bepalen het beeld op uitgestrekte dorre grasvlaktes met altijd bergen aan de horizon.
Dit jaar schijnt heel droog te zijn, wat voor deze veehouders natuurlijk een groot probleem is.
We hebben in gers geslapen en zijn bij mensen thuis geweest in hun ger. Je krijgt steevast ayrak aangeboden: gefermenteerde merriemelk. Als hij niet te zuur is het best lekker. Nou ja, één kopje dan…
Onze jongens drinken er liters van! Daarentegen nemen ze geen druppel alcohol. De verklaring is dat Kazakken moslim zijn. Mongolen zijn overwegend Boedhistisch/sjamanistisch. In de Russiese tijd hebben die wodka leren drinken en dat doen ze nog steeds overvloedig. Alcoholisme is een groot probleem. We zien veel te dikke vlezige, potige kerels. De vrouwen doen er overigens niet voor onder.
Afgelopen week stond vooral in het teken van de geschiedenis van Mongolie. Opgravingen van de Turken (5e tot 7e eeuw), waar Erdogan himself speciaal een weg en museum voor aangelegd heeft. De Khan periode is vooral te vinden in de oude hoofdstad Karakorum.
Directe overblijfselen zijn er niet veel. Wel een museum en een fraai Boedhistisch tempelcomplex.
In Tsetserlech bezochten we een museum in een oude tempel waar eea te zien was over de Russisch communistische periode van 1920 tot 1945. Inclusief het verzet van vele monnikken. Daarvoor waren er 2 eeuwen van Chinese overheersing. Mongolie is nu een onafhankelijk land. Weinig ontwikkeld, arm met stalinistisch aandoende steden. Behalve mijnbouw en vlees hebben ze weinig. Alles wordt geimporteerd en het prijspeil wordt met staatssteun laag gehouden. De benzine kost er nog geen 65cent.
Het meeste plezier hebben we beleefd aan het wild kamperen in de vrije natuur ver van enig leven.
Mooie wandeltocht hebben we gemaakt in het nationaal park Tsagaan Nuur nabij het White Lake.

Veel vogels, marmotten en aardeekhoorns gezien. We beklommen de vulkaan en kregen een plensbui over ons heen. Maar dat kon de pret niet drukken. Onder grote hilariteit tuimelden we bijna met de auto van een steil zandpad af. Na ons kwam een Russisch busje full speed omhoog stormen. Die dingen zijn onovertroffen.
De jongens koken en wij mogen niks doen. Heel geemancipeerd. Hoewel, thuis koken ze nooit!

Onze vingers jeuken bij het zien van onhandigheid en slechte planning. Maar ze zijn wel bewonderenswaardig creatief. Met een zakmes maakten ze b.v houten tentharingen. We zien weinig Westerse toeristen, wel veel lokale. Er is duidelijk een rijke bovenlaag, die zich een dure Lexus kan permitteren en zich gedraagt als onaantastbare heerser. Daar willen wij ver van blijven: het is dé reden om een gepland bezoek aan een hot spring aan ons voorbij te laten gaan. Wij hebben genoeg aan andere natuurfenomenen zoals de pracht van een onweersbui of een zandstorm.
Op de terugweg naar Ulaanbaator belandden we zowaar in een hevig noodweer. In een mum van tijd stroomt het water met bakken langs en over de weg. Paarden en koeien gaan met moeite van de weg af. Ze slurpen het water op waar ze lang naar gesmacht hebben.
Het is een lang verhaal geworden. Waarschijnlijk komt een volgend bericht pas over 2weken.

