Caminho Portugues

De Caminho Portugues loopt vanuit Zuid Portugal naar Santiago de Compostella in Spanje. Wij starten in Porto en lopen van daaruit zo’n 245 km noordwaarts. 800pxways_of_st__james_in_europe ‘Wij’ zijn met zijn vijven en kennen elkaar van het PAC, de atletiekvereniging aan het Kralingse bos in Rotterdam. Ons vertrek met Ryanair naar Porto heeft vertraging opgelopen; een aswolk uit IJsland heeft roet in het eten gegooid! Het aantal loopdagen is nu met 5 ingekort, want onze terugvlucht op 26 mei handhaven we. We zien wel hoever we komen, want om in Santiago te komen is de tijd wel erg krap geworden.

Geplaatst in Caminho Portugues | Reacties uitgeschakeld voor Caminho Portugues

Kathmandu

Van Chitwan naar Kathmandu lijkt een klein eindje, maar met de lokale bus doe je er toch de hele dag over. Kathmandu ligt een stuk hoger en dat betekent file rijden met honderden vrachtauto’s en bussen;Pict0381  zigzaggend de berg op; af en toe gehinderd door op de weg of half in het ravijn gestrande voertuigen. Voor de frisse lucht hoef je hier niet te komen. Het is niet voor niks dat veel Nepalezen met mondkapjes oplopen. In Kathmandu heb ik ook maar zo’n ding gekocht om nog enigszins te kunnen ademen tijdens het lopen in de stad. Als je adem niet wordt afgesneden door de uitlaatgassen dan is het wel door de stank van rottend afval. Vaak zijn er geen trottoirs en rijden de motoren en auto’s al toeterend links en rechts langs je voeten. Erg vermoeiend. Nu rijden veel Nepalezen er op motoren; wat moet dat worden als ze allemaal auto gaan rijden???? In Kathmandu zaten wij in een hotelletje in de wijk Thamel. Dat is een echte toeristenwijk met duizenden winkeltjes en honderden restaurantjes. Sommige van onze groep vonden het er het einde, maar na een dag had ik het wel gezien en werd gewoon doodmoe van alle op verkoop beluste shophouders.

Er zijn een paar bezienswaardigheden rondom Kathmandu die zeer de moeite waard waren. Als wandelpoolers gingen we uiteraard overal te voet naar toe. Zo bezochten we Svayambhunath stoepa, de Bodnath stoepa en het Pashupatinath complex. 

De Pashupati-tempel is een van de belangrijkste hindoeistische heiligdommen in Nepal. Als niet-hindoe mag Pict0437_3 je er niet in. Dat is niet zo erg, want er is buiten genoeg te zien. Een ambulance stopte naast ons en laadde een doodzieke oude vrouw op een brancard uit. Ze werd in een soort hospice neergelegd, waarna de brancard mét het zuurstofapparaat waar de vrouw aan had gelegen, alweer afgevoerd werd. Deze vrouw komt daar om dood te gaan. De tempel ligt aan de rivier, waar rituele wasplaatsen zijn en lijkverbrandingen plaats vinden. Wij kwamen er op het juiste moment en konden een heel ritueel van lijkverbranding gade slaan. Ik vond het een confronterend proces; vooral omdat alles zo open en niets verhullend plaats vindt. Als je bij ons een crematie meemaakt is dat toch een tamelijk kil en clean gebeuren. 

Svayambhunath en Bodnath zijn belangrijke boedistische heiligdommen. Bodnath is een grote witte stPict0454_2oepa met de beroemde felgekleurde ogen van Buddha, die al van verre te zien zijn. In de omgeving wonen voornamelijk gevluchte Tibetanen. Svayambhunath, ofwel ‘apentempel’ ligt aan de andere kant van de stad, in het westen, en bereik je via een trap met 365 treden. Rondom deze tempel vindt je ook allerlei hindoeistische dingen. Het is een chaos van beelden, tempeltjes en voor mij niet te begrijpen voorstellingen. Toen ik eenmaal door had dat Shiva ontelbare andere namen en verschijningsvormen heeft heb ik het maar opgegeven.    

Inmiddels ben ik weer thuis en kijk terug op een enerverende reis. Voorlopig kan ik even vooruit met het uitzoeken van fotoos……

De terugreis via Qatar en Londen nam maar liefst 24 uur in beslag. Laat je niet ontmoedigen: sinds kort zijn er ook rechtstreekse vluchten naar Kathmandu! 

Geplaatst in Nepal | Reacties uitgeschakeld voor Kathmandu

Olifanten

De bergen hebben we achter ons gelaten. Nu zitten we in de Terrai, het laagland aan de zuidkant van Nepal. We bivakkeren een paar dagen in het nationaal park Chitwan. Chitwan is een junglegebied, met neushoorns, olifanten, krokodillen en heel veel vogels. De natuur is totaal anders dan het noordelijke berggebied, maar Pict0186 zeker zo mooi. Gisteren zijn we, al vogels spottend, met een uitgeholde boomstam op pad gegaan. Onder leiding van een paar kundige gidsen hebben we vervolgens 17 km door de jungle gelopen terwijl we gewezen werden op sporen van het grote en kleine wild. De verse poepbergen van de neushoorns maakten het extra spannend, hoewel we pas helemaal op het eind van de dag er eentje konden spotten. Ook de sporen van in een boom klauterende tijger maakten indruk op mij. Aan het eind van de looptocht stonden jeeps ons op te wachten om via een andere route ons terug te rijden. Ik heb dit allemaal al vaker gedaan, maar genoot er weer 100% van. Vandaag hebben we, al voor de tweede maal, zitten genieten van het olifanten bad. Hier aan de rivier worden elke ochtend de olifanten in bad gegaan. Als je wilt Pict0293_2 mag er op zitten. Ik ben niet zo’n held in dat soort dingen, maar in onze groep zitten er wel een paar die dat fantastisch vinden. En inderdaad, het is natuurlijk erg leuk als het je lukt om op zo’n ongezadelde kolos te blijven zitten, of zelfs staan. Natuurlijk wordt je zijknat en wordt je regelmatig door de olifant in het water gekieperd. Ik vind het al een feest om gewoon te kijken naar het gedrag van de olifanten. Het zijn zulke leuke beesten. Vanmiddag wil ik er wel een ritje op maken; maar dan in een bakje, zonder er afgegooid te worden……

Morgen gaan we naar Katmandu. Dat wordt de laatste standplaats van ons verblijf hier. 

Geplaatst in Nepal | Reacties uitgeschakeld voor Olifanten

Trekking

Pict0272 De 10-daagse trekking zit er op. We zijn weer terug in Pokhara, een echt toeristenstadje met veel Pict0296_2 prullariashops en restaurantjes, aan een groot meer. We hebben een fantastische tocht gehad met permanent mooi weer. ’s Nacht kon het nog wel eens vriezen, maar midden op de dag was het altijd zonnig en lekker. We liepen permanent tussn de tussen 7000 en 8000 meter hoge toppen. ik ben nu helemaal vertrouwd geraakt met namen als de Daulagiri, Nilgiri, Machhapuchhre (de vissestaart!) en natuurlijk de Annapurna South (nog nooit beklommen vanwege de steilheid), de Annapurna 1, 2 en 3. De eerste dag vlogen we met een klein vliegtuigje van Pokhara na Jomosom, rakelings langs al die mooie toppen. Die vlucht alleen al is de moeite waard om er heen te gaan. Als je in Jomosom aankomt zit je gelijk in de andere wereld van het bergleven. Voor de mensen die er wonen is het leven hard en simpel. Van daaruit liepen we naar Kagbeni, waar je zowat in de middeleeuwen beland. In het oude Kagbeni zijn de lemen huisjes als een soort kasba aan elkaar gebouwd. Het leven ziet er uitermate primitief uit met her en der boven de deuren schedels met takken ed., die meer aan bijgeloof doen denken dan aan Pict0532 boedistische uitingsvormen.  Een mooi boedistisch klooster is er overigens ook, zoals in zowat al die bergdorpjes. Ik heb heel wat stoepa’s, gompa’s, gebedsvlaggetjes en -molens gezien. We hebben ook een keer een boedistisch festival meegemaakt bij de openng van een tempel: heel erg kleurrijk! Ik weet nu ook wat mani’s zijn: dat zijn de muurtjes met stenen, waarin gebeden zijn gebeiteld. De dag erop moesten we ongeveer 1000 meter stijgen om in Muktinath te komen. Dat was een pittige dag, maar goed te doen. Bij aankomst ben ik tenminste nog verder bergopwaarts geweest om het klooster aldaar te bekijken. Met 3760 meter was het het hoogste punt waarop wij geweest zijn. Het lopen op die hoogte kan door iederen met een normale goede conditie gedaan worden, als je van tevoren de tijd hebt genomen om een beetje te acclimatiseren.  Je voelt het nl. wel; met het alsmaar stijgen werd ik bPict0358eslist kortademiger. Het landschap daar is prachtig: heel wijds; zanderig en dus erg stoffig. Rondom de plaatsjes is er wat landbouw en er zijn appelbomen. We sliepen in simpele guesthouses. Douchen hebben we niet zoveel gedaan: als er alleen een straaltje koud water uit de kraan komt is dat op die hoogte in de vrieskou ’s ochtends en ’s avonds niet zo aantrekkelijk. We warmden ons liever met hete thee aan een bak hete kooltjes onder de tafel. Ik vond dat het eten in alle restaurantjes onderweg eigenlijk best goed  was en redelijk gevarieerd. Het fruit was meestal beperkt tot appels. We dronken verse appelsap, aten appelpannekoek of muesli met appel en melk. Na Muktinat zijn we langzaam afgedaald via Marpha, Kalapani, Tatopani, Ghorepani, Tadapani, en Gandruk naar Nayapul. Als je eenmaal weet dat ‘pani’  water Pict0448 betekent dan weet je dat er een rivier loopt langs die plaatsen. We hebben een aantal dagen langs de Kali Gandaki gelopen; een heel brede rivier, die naarmate we lager kwamen alsmaar woester ging stromen. We liepen nog als eens van de linker naar de rechteroever , of omgekeer en moesten dan oversteken over vervaarlijk wiebelende hoge hangbruggen. Met mijn hoogtevrees ben ik helemaal geen held in dat soort dingen. Maaike ook niet, zodat ik gelukkig niet de enige was. We hadden een goede truc om onze angst te bezweren. Hand in hand liepen we, hardop tellend, strak voor ons uit kijkend, in een strak tempo naar de overkant. We hebben zoveel van die hangbruggen gehad, dat ik er inmiddels enigszins aan gewend ben geraakt. Sinds twee jaar loopt er langs de loop van de KaliGandaki een weg waar bussen en auto’s overheen gaan. Een weg; nou ja, een onverhard pad langs afgronden en steile hellingen, waar twee bussen elkaar vaak niet kunnen passeren. Meerdere malen zagen we hoe een bus dan achterwaarts moest manouvreren om een breder stuk te vinden voor de passage. Wij waren heel erg blij dat we gewoon te voet waren en niet in die bus zaten! Hoe verder we afdaalden hoe groener het landschap werd. Bij Tatopani was het dalen even afgelopen. Op een dag klommen we naar Gorepani, wat maar liefst 1700 meter hoger ligt. Geen lekker looppad, maar allemaal rotsen, stenen en traptreden. Misschien was dat wel de zwaarste etappe op onze route. Mijn knieeen hebben het er zwaar te verduren gehad. Maar de route was prachtig; langs watervallen en door naaldbossen. Daarna hebben we nog een paar dagen door weelderige bossen bergafwaarts gelopen. Het is goed om nu een rustdag te hebben, zodat mijn knieen bij kunnen komen. En niet te vergeten de kuiten. Ik heb me hier in Pokhara laten masseren. Wat een weldaad! Maaike kende een massagebedrijf wat helemaal gerund wordt door blinden. Heel apart om mee te maken!

Morgen gaan we met de bus naar Chitwan; dat is zo’n 8 uur zuidwaarts. Dat is laagland met een tropisch klimaat. Lijkt me lekker. Vandaag heeft het zowaar geregend in Pokhara. Dat schijnt voor deze tijd van het jaar niet normaal te zijn. Het is dan ook frisser dan verwacht.

   

Geplaatst in Nepal | Reacties uitgeschakeld voor Trekking

Kathmandu vallei

Ik ben al weer bijna een week op pad; tijd voor een eerste bericht. kathmandu zelf heb ik nog niet gezien, want we zijn na aankomst gelijk doorgegaan naar Bhaktapur. Dat is een van de 3 oude historische koningssteden. Je kijkt je ogen hier uit. Zoveel prachtigs aan oude tempelcomplexen, paleizen en alles wat daar bij hoort. Er is een mix van boedisme en hindoeisme, met veel rituelen. Er wordt hier wat af geofferd! We zijn ook al in Patan geweest, een andere koningsstad. In Kathmandu kom ik pas op het eind van de reis. Buiten godsdienst en architectuur doet het straatleven mij erg herinneren aan Bangladesh: ik bedoel Pict0079 dan qua kleding en het rommelige chaotische straatbeeld, waarin alles met de hand schijnt te gebeuren. We zitten hier heel aangenaam te acclimatiseren op iets van 1800 meter. Afgelopen 3 dagen hebben we dagtochten gemaakt ten oosten van Bhaktapur. Voor de kenners; naar o.a. Namo Buddha, Changu Narayan en Nagarkot. Grotefotou3amxsfe_3 Berg op, berg af met prachtige uitzichten op terrashellingen met de noordoostelijke sneeuwtoppen op de achtergrond. We proberen hier en daar een niet voor de hand liggende route te pakken, wat niet altijd een succes is. Soms lopen we dwars door struiken en glibberige steile paadjes, waardoor het spannend blijft waar we dan weer uitkomen. Gewapend met kaart, kompas en zonnekijken komen we natuurlijk altijd waar we wezen willen. Het is oogsttijd. Overal zien we dat de rijst van de velden wordt gehaald en gedroogd op velden, pleinen en straathoeken. Het is hard werken in de bergen, dat is wel duidelijk. Op de dag is het lekker warm, zo’n graad of 25, schat ik. Lekker om te lopen. Vannacht sliepen we in Nagarkot op 2100 meter en daar was het eigenlijk best koud en erg vochtig.
We zijn met zijn elven, inclusief Maaike, die de reis organiseert. Ze doet dat op een losse prettige manier en niemand doet moeilijk als iets niet loopt zoals ze verwacht had. De groep is leuk; we hebben plezier met elkaar. Op onze heenvlucht kregen we allemaal een zak met kinderkleding mee te nemen voor een kinderhuis. We zijn er al langs geweest: een project voor (lichamelijk) gehandicapte kinderen, wat in 2001 gestart is. Ze hebben nu ruimte voor 17 kinderen; elk jaar zijn ze een beetje uitgebreid. Het was leuk om te zien hoe blij en enthousiast de kinderen aan het dollen waren.

Morgen gaan we met de bus naar Pokhara, waarna we gaan vliegen naar Jomosom om vanaf daar de 10 daagse trekking langs de Annapurna te gaan maken.

Geplaatst in Nepal | Reacties uitgeschakeld voor Kathmandu vallei

Nepal

Na uitgerust te zijn van de Camino vertrek ik zondag 25 oktober voor 4 weken Nepal. Ik ga er een paar mooie trekkings maken met een groepje wandelaars van de wandelpool. Topic is een trekking van 10 dagen langs de Annapurna, maar we gaan ook lopen in de Kathmandu vallei (ten oosten van Kathmandu) en verder staat ook het Chitwan nationaal park op het programma (met neushoorns, olifanten en zo meer). Na de 800 km in Spanje heb ik beslist voldoende wandelconditie in mijn benen, maar lopen op 3500 meter stelt andere eisen aan je uithoudingsvermogen. Ik ben benieuwd of me dit goed af zal gaan. Toen ik in 1997 en ’98 in Peru en Bolivia was heb ik veel op grote hoogte gelopen, waar ik toen geen problemen mee had. Maar ja, dat is lang geleden en inmiddels ben ik ook niet meer de jongste. Ik zal mijn best doenL5e107a189w740h406 om onderweg af en toe wat te melden, maar heb niet zo’n idee of er veel internet cafés zijn op mijn routes. Afwachten dus.

Geplaatst in Nepal | Reacties uitgeschakeld voor Nepal

Op pad naar Santiago de Compostella

In mei heb ik met plezier de South Downs Way gelopen over de krijtrotsen van Zuid Engeland. En nu heb ik het in mijn hoofd gehaald om het pelgrimspad naar Santiago de Compostella te lopen. Niet dat ik zo religieus ben, maar het is Kaart zeker wel comtemplatief om lang onderweg te zijn op een route waarop duizenden mensen mij zijn voorgegaan, sinds eeuwen. Hiernaast zie je een copie van een kaart met pelgrimsroutes uit het jaar 951. In Utrecht staat een bordje met 2600 km naar Santiago. Daar heb je wel wat tijd en een goede conditie voor nodig. En beiden heb ik nu. Nu schijnt de beste tijd om deze pelgrimstocht te doen het vroege voorjaar te zijn. Ik kies voor de na-zomerse tijd. Al orienterend ontdekte ik dat 2010 een heilig jaar is in de Jacobus viering. Dat betekent dat er dan duizenden pelgrims extra de route in Spanje lopen; op naar de Jacobusdag op 25 juli in Santiago de Compostella. Het lijkt me niet zo aantrekkelijk om in file honderden kilometers door Spanje te lopen. Dus, bedacht ik, dat het beter is om het pad niet in een keer te lopen maar in delen.  Het Spaanse deel van de pelgrimstocht ga ik nu lopen enCaminofrances3 het franse deel, zo mogelijk, volgend voorjaar. Voor veel pelgrims wellicht een onaanvaardbare rare omgekeerde volgorde, maar ik zie er geen bezwaar in om het zo te doen. Ik loop nu het traject van St. Jean Pied de Port in de franse Pyreneeen naar Santiago de Compostella in Spanje. Dat stuk is iets van 800 km. Ik overnacht voornamelijk in de refugios die er speciaal voor pelgrims zijn. Deze hoef je niet te reserveren van te voren wat een groot gevoel van vrijheid geeft. Zo is het mogelijk om gaandeweg tempo en rustdagen te bepalen. Ik heb geen haast en zie wel wanneer ik terug kom!

Geplaatst in Camino Francès | Reacties uitgeschakeld voor Op pad naar Santiago de Compostella

Achteraf

Ik ben al weer een paar dagen thuis en heb het echt nodig gehad om bij te komen. Ik voelde me moe tot in al mijn bPict0002otten en kreeg dan ook prompt koorts. Inmiddels begin ik wat uitgerust te raken. Op de kCamino_2_023ast prijkt mijn Credencial, vol met stempels die ik onderweg verzameld heb en mijn Compostella: de oorkonde die ik in Santiago gekregen heb. Ik heb meer dan 800 kilometer gelopen in 34 dagen met daartussen slechts 2 dagen van niet-lopen (waarin ik overigens ziek was). Soms liep ik meer dan 30 kilometer, maar er waren ook dagen van nog geen 20. Met een gemiddelde van 24 kilometer per dag is het wel ongeveer wat ik van tevoren bedacht had. Hoeveel kilometer ik exact gelopen heb weet ik niet; de getallen op bordjes, folders en in boekjes zijn niet hetzelfde. Het bord met 2600 km naar Santiago staat in den Bosch. Ik heb daarvan dus het eerste (den Camino_2_476Bosch – Visé) én het laatste stuk gelopen (St. Jean Pied de  Port – Santiago). Rest dus zeker nog 1500 km! Ik weet nCamino_2_367iet of ik dat nog ga doen. Misschien wil ik nog wel een andere aanlooproute naar Santiago lopen. Er zijn veel interessante, en wellicht ook mooiere, paden. Ik neem de winter om er over na te denken…. 

Over de tocht die ik nu gedaan heb is uiteraard nog heel wat meer te vertellen dan wat ik gedaan heb op de weblog. Het onderweg schrijven in internetcafés is meestal haastgedrag. Ik zit daar niet zo rustig als thuis achter mijn eigen pc. Het was een bijzondere belevenis, dat is zeker. Maar het is toch niet simpel om aan te geven wat nu allemaal zo bijzonder was. Ik had me goed voorbereid, en toch was het anders. Sommige dingen laten zich Camino_2_290vanuit een luie stoel thuis moeilijk beoordelen. Zo had ik van tevoren heus bedacht dat het verstandig en leuk zou zijn om om de paar dagen een rustdag in te lassen; m.n. in de grote steden. Toch heb ik dat niet gedaan. Eenmaal op pad werd ik onderdeel van het proces der dingen die zich op de Camino afspelen. Als je eenmaal leuke mensen bent tegen gekomen laat je je gemakkelijk verleiden om de dag er op door te lopen omdat zij dat ook doen. Het is een heel eigen wereldje wat zich daar afspeelt. De rest van de wereld lijkt helemaal niet meer te bestaan; het nieuws en de kranten zijn heel ver weg. Eigenlijk was ik vooral bezig met genieten van het buiten zijn, alleen én met anderen, en het dagelijks overleven: bedenken waar ik naar toe ging, waar ik moest slapen en eten en zorgen dat ik mijn rust kon pakken. Je slaapt bijna overal op zalen in stapelbedden; jong, oud, man, vrouw, alles door elkaar. Meestal was ik te moe om wakker te liggen van het geronk en gesnurk om me heen…… Al snel kreeg het leven een vast ritme: vertrekken voor zonsopgang, onderweg zoeken naar een kop koffie met een bocadillo, de zorg om voor het heetst van de dag aan te komen, bed regelen, douchen, wasje doen en ophangen zodat het nog diezelfde droog is, middagdutje doen, wat fruit ed. in een tienda halen, en ’s avonds ergens een menu del peregrino scoren. Ik vond het overigens lastig dat tussen half 2 en half 6 alles dicht is. Tot iets van half 4 kun je warm eten in Spanje, maar ik was meestal te laat daarvoor, en daarna kun je pas weer na 8 uur ’s avonds terecht. Voor de gemiddelde loper erg laat, want daarna ga je gelijk slapen. In sommige dorpen hadden ze daar kennelijk lering uit getrokken en kon je al om 7 uur eten. De stelregel in de refugio’s is dat je er één nacht mag slapen. Je moet uiterlijk om 8.00 uur ’s ochtends weg zijn. Dat houdt het pelgrimsgedrag lekker aan de gang. Voor overnachting in een refugio doet het er niet toe of je veel of weinig kilometers hebt gelopen. Sommige mensen zijn echter bang dat ze geen slaapplek hebben als ze laat arriveren. Dat is inderdaad een risico als het erg druk is. Er zijn dus altijd mensen die al om 5 uur ’s ochtends vertrekken om zodoende tijdig aan te komen op de volgende bestemming. Dit zijn dan tevens de mensen die nog wel eens verdwalen. In het pikkedonker zie ik immers ook niet waar er allemaal gele pijltjes staan die ik moet volgen. Iedereen heeft zo zijn eigen motieven waarom hij op pad is maar velen proberen het pelgrimsidee te benaderen. Dan gaat het niet alleen om het dagelijks ritme van op pad zijn voor zonsopgang, maar ook om het je laten inspireren door omgeving en mensen en je niet laten beperken door lichamelijk leed. Ik heb mensen gezien met bloedende voeten waar bijna geen vel meer op zat en toch liepen ze de volgende dag weer verder, strompelend en zich bij elke stap verbijtend. De sfeer onder elkaar is tolerant en aardig vanuit een besef dat een ieder het wel echt zelf moet maken. Iedereen gaat voor hetzelfde doel en dat schept een band. Ik heb in al die tijd geen geruzie gezien. Alles draait om het pelgrimeren. Op de hele route vindt je gele pijlen die de pelgrims de weg moeten wijzen, alsook duizenden paaltjes of bordjes met de Jacobsschelp, honderden pelgrimskruizen, tientallen monumenten ter ere van de heilige Jacobus. En overal kom je langs oude kerkjes en pelgrimsoorden; uit de 11de eeuw, de 12de eeuw of wat jonger. Ik heb nog nooit in zo’n korte tijd zoveel grote en kleine kerken bekeken. Mooie stijlvolle romaanse kerkjes, maar ook overdadig protserige barok en gothiek. Wat de Spanjaarden indertijd deden met het van de Inca’s gestolen goud is me wel duidelijk geworden! De apostel Jacobus kom je in diverse gedaantes tegen. Meestal als een loper met wandelstok en waterzak maar ook wel als ‘morendoder’. De pelgrimstocht trok een christelijke lijn in noord Spanje tegen de tot in de 13de eeuw heersende Moren in Spanje. Ik ben door 3 regio’s gelopen: Navarra, Castilla y Leon en Gallicia. Ik weet nog steeds niet goed wat de betekenis is van de regio’s (in relatie tot de provincies), maar heb nu in ieder geval in beeld dat er grote regionale verschillen zijn.  In Castilla y Leon wordt strijd gevoerd voor het losmaken van Leon; op heel de Meseta zie je graffiti gericht op "de bevrijding" van Leon. De dorpjes op de Meseta zien er armoedig uit; er wonen praktisch geen mensen meer; hoe pittoresk een plaatsje ook is; als er weinig bron van inkomsten is laat de trek naar de stad zich gemakkelijk verklaren. Sommige dorpen veranderen in verlaten spookplaatsen. Soms zie je dat er met veel krachtsinspanning gepoogd wordt om historisch erfgoed te behouden, zoals in Castrojeriz. Kerken worden musea waarvoor je intree moet betalen en eigenlijk wordt zo’n heel dorp langzamerhand één groot museum. Nu maar hopen dat er wat mensen langs komen. Pelgrims zorgen Pict0430hier en daar voor een welkome inkomstenbron. Al die mensen moeten immers eten, drinken en slapen, maar pelgrims zijn geen toeristen en besteden gemiddeld niet zo veel. Ik was verbaasd dat je in elk klein cafe in elk klein dorp tenminste een goede koffiemachine aantrof voor altijd weer de heerlijkste café con leche met een lekkere verse bocadillo (broodje).  Overal kon je een 3 gangen pelgrimsmenu krijgen voor rond de 9 x80 incl. wijn
en brood. Ik begrijp dat het aantal refugio’s of albergues de laatste jaren ook flink is uitgebreid. Je hebt ze dan ook in alle soorten en maten: publieke en private, grote en kleine, plaatsen waar je een vast bedrag betaalt en plaatsen waar je een donatie geeft, soms kun je er wat eten maar meestal niet. Meestal is er wel een keuken waar je zelf eten kunt bereiden, als je dat wilt. Zie hieronder een kleine collage van verschillende refugios.

Pict0055 Pict0574 Camino_2_065 Camino_2_066 Camino_2_112

Camino_2_230 Camino_2_228 Pict0405 Camino_2_188 Camino_2_302

Geplaatst in Camino Francès | Reacties uitgeschakeld voor Achteraf

Het einde van de wereld……

Het is Camino_2_472weliswaar niet gelukt om te voet naar het einde van de wereld te gaan, maar ik ben er wel geweest. Fisterre (of Finisterre) gold indertijd voor de pelgrims als het einde vCamino_2_503an de wereld. Verder was er alleen maar oceaan. Voor een pelgrim is het iets ultiems om na Santiago door te lopen naar Fisterre en daar je oude kleren te verbranden. Daarmee laat je pas eCamino_2_489_2cCamino_2_487ht al het oude achter je en begin je een nieuw leven. Lang niet iedereen loopt nog 90 km door naar Santiago. Ik heb er gisteren 3 uur voor in de bus gezeten en vandaag weer. Een prachtige tocht en ik heb er geen spijt van. Tot mijn grote verrassing kwam ik in Fisterre Tinie tegen. Dat was echt erg leuk. Ze was met haar man, die haar was komen verrassen in Santiago. Met nog weer andere Camino vrienden hebben we de pelgrimstocht waardig afgesloten met veel wijn en lekkernijen op de rotsen bij de vuurtoren al kijkende naar de ondergaande zon. De zon, die we al lopend van oost naar west alsmaar in de rug gehad hadden keken we nu recht aan. En….hij verdween….. We hebben onze oudste kledingstukken verbrand. Nu heb ik het gevoel dat de Camino goed is afgesloten. Het katerige gevoel van de aankomst in Santiago is helemaal verdwenen.    

Geplaatst in Camino Francès | Reacties uitgeschakeld voor Het einde van de wereld……

Een ander einde……

Het loopt op het eind toch nog even anders dan gedacht. Ik zit gewoon een paar dagen uit te rusten in Santiago. Kennelijk heb ik dat nodig. Ik was gister met de 6 Limburgers op pad gegaan richting Finisterre. Doch, na een kilometertje of 5, viel het me op dat ik een heuvel, die toch echt niet zo steil was, bijna niet op kon komen. Ik liep te hijgen als een paard. Hield tempo in om uit te hijgen, maar dat lukte niet zo goed. Op een gegeven moment kon ik gewoon niet meer. Ik kon bijna geen adem meer krijgen en begon (waarschijnlijk) te hyperventileren. Het was best eng. Iemand bedacht dat ik in een plastic zakje moest blazen en, inderdaad, dat hielp. Maar mijn conditie was pet: ik voelde me doodmoe en niet in staat om nog kilometers te gaan. Het leek me verstandiger om terug naar Santiago te gaan en het gewoon rustig aan te doen. We hebben ergens aangebeld en een taxi laten komen. Het is natuurlijk wel heel merkwaardig dat mijn lijf het na aankomst , na 5 weken lopen, ineens opgeeft. Het lijf wil gewoon niet meer. Ik denk dat ik toch veel gegeven heb om het te halen maar dat ik dat niet goed in de gaten heb gehad. Met wilskracht kom je heel ver maar uiteindelijk heeft dat toch zijn grenzen. Het lijkt er op dat mijn lijf aan mijn hoofd het signaal moet geven dat het genoeg is ipv andersom. Ik heb een kamer in het immense Seminario Menor (Klein Seminarie). Dat is ingericht als refugio. Het boekje zegt dat het er spartaans is. De bedden zijn inderdaad keihard, maar de sanitaire voorzieningen e.d. zijn er prima. Ik zie nu dagelijks nieuwe aantallen pelgrims binnendruppelen. Die stroom blijft maar doorgaan. Onderweg ben ik eigenlijk maar 2 nederlanders tegengekomen, maar op het eind en hier in Santiago zie ik er velen. Van veel mensen hoor ik dat de aankomst iets teleurstellends heeft. Het leuke was toch vooral het onderweg zijn; het gevoel dat je elke dag een opdracht hebt om een stuk verder te komen en dat is dan afgelopen. Het doel is bereikt en dan valt er even een gat.

Geplaatst in Camino Francès | Reacties uitgeschakeld voor Een ander einde……